ORGANISATIE

Natuurlijk kunt u een bureau/organisatie inhuren die voor u onderzoekt en implementeert. Het voorstel van de denktank zou zijn om het zelf uit te voeren. Kost minder en werkt waarschijnlijk beter. Dit stappenplan kan natuurlijk geheel naar eigen inzicht uitgevoerd worden eventueel met externe ondersteuning, maar wij raden aan om de experts binnen het eigen bestuur en personeelsbestand van de scholen in te zetten.

Hieronder volgt een aantal ideeën om de keuzes te bepalen en invoering aan uitvoering te gaan geven:

1. Bespreek dit plan met de directeuren van scholen. Bespreek de financiële consequenties en maak een opzet over wat dit plan voor het bestuur betekent. Is het haalbaar? Ook op lange termijn? Welke gelden en welke formatie wordt nu al besteed aan begaafde leerlingen?

2. Organiseer een studiedag voor alle personeelsleden.

Te behandelen onderwerpen zijn:

·   Uitleg van de verplichting om passend onderwijs voor begaafde kinderen te organiseren en een korte uitleg van het plan en de financiering daarvan.

·   Uitleg over de vijf niveaus van zorg, daarna maakt elke school een inventarisatie  welk zorg niveau zij op dit moment biedt.

·   Uitleg over het belang van herkennen van begaafde kinderen, het SiDi signaleringsinstrument en de selectieprocedure van Renzulli. Vervolgens vullen alle groepsleerkrachten de SiDi Jaarlijkse signalering in of selecteren kinderen volgens de procedure van Renzulli.

De opbrengst van deze studiedag moet zijn dat er een redelijke schatting is om hoeveel  kinderen het binnen het bestuur gaat en dat er duidelijkheid en informatie is.

Dat alle personeelsleden weten wat er gaat gebeuren en waarom. Als het idee breed gedragen wordt is er meer kans van slagen.

3. Maak op bestuursniveau berekeningen op basis waarvan verder wordt gesproken met de verschillende geledingen binnen het bestuur.

4. Op bestuursniveau wordt een besluit genomen voor een model en groeimodel waarbinnen de organisatie van begaafdenonderwijs wordt vormgegeven.

5. Iedere school kan vervolgens bedenken welk niveau zij in de toekomst zou willen gaan bieden. Zijn er scholen die al plusklassen hebben en deze willen behouden? Zijn er scholen die TOP-klassen willen vormen? Welke personeelsleden zijn geïnteresseerd en welke hebben al een opleiding/training hiervoor gehad? Etc.

6. Op grond van deze informatie  gaat het bestuur een voorlopige opzet maken.

Deze opzet is bestuursbreed en moet dus voor alle scholen passend zijn, maar ook zo goed mogelijk passen voor alle leerlingen. Een geweldige puzzel met veel belangen. De consequenties voor alle betrokkenen moeten goed worden doorgesproken.

7. Bespreek het TOPPLAN binnen alle teams en daarna wordt er een stappenplan tot invoering gemaakt. Dit gebeurt allereerst op bestuursniveau en vervolgens op school niveau.

8. Denk na over de toelatingscriteria voor zowel PLUS-groep als TOP-klas (koppel deze los van de toetsresultaten van de leerlingen).